De definitie van sinus, cosinus en tangens met behulp van de eenheidscirkel:
De eenheidscirkel is een cirkel met middelpunt O(0,0) en straal 1. Een straal draait vanuit de positieve x-as om het middelpunt O. Het snijpunt van de draaiende straal met de cirkel noemen we P. De hoek waarover de straal gedraaid is vanuit de positieve x-as noemen we t. (In radialen is t gelijk aan de lengte van de roze cirkelboog.)
Dan geldt:
sin(t) = yP, cos(t) = xP en tan(t) = sin(t) /cos(t) = yP / xP. Als we lijn OP doortrekken en het snijpunt met de verticale lijn x = 1 (de raakijn ofwel "tangent" in (1,0) aan de cirkel) aanduiden met Q, dan geldt tan(t) = yQ.
Dit wordt geïllustreerd in het volgende applet:
Sleep met de muis het punt P over de cirkel.
(Met dank aan Walter Fendt. Verschijnt hier boven niks? Op je computer moet wel de Java VM geïnstalleerd zijn. Dat is bij Win XP niet automatisch het geval. Klik hier, als hierboven ook na even wachten een grijs vlak blijft staan.)